Antoine Bodar

Dienen is ook duiden en verschaffen van beschutting.

header-05.jpg
 
Warning: array_shift() expects parameter 1 to be array, boolean given in /var/www/vhosts/antoinebodar.nl/httpdocs/wp-content/themes/antoine_bodar/single.php on line 14

Virtuele presentie van Christus

9 april 2020 |  Antoine Bodar

Vieren we in de liturgie de reële tegenwoordigheid van Christus in de Eucharistie of de virtuele? In deze Goede Week, het Triduum Sacrum en de Paastijd behelpen we ons klaarblijkelijk met de ‘presentia virtualis’. Gelegenheid tot de ‘presentia realis’ wordt de gelovigen onthouden.

De volledige opschorting van vieringen tot Pinksteren komt mij als rigoureus voor, ja, als te rigoureus wanneer zelfs geen besloten Mis mag worden opgedragen in een kerk samen met het toegestane aantal medegelovigen.
Dat tijdens de Mis de deuren gesloten moeten worden is onontkoombaar. Er zouden dan toch te veel mensen kunnen binnenkomen, waardoor de onderlinge afstand niet kan worden bewaard.

Feitelijk zijn de maatregelen in Nederland nu zoals hier in Rome.

Wel blijft het wereldwijd toegestaan en is het ook gevraagd en aangeraden om ‘privé’ de Heilige Mis op te dragen. Zo’n viering is evengoed niet privé; want het is een handelen van Christus en Zijn Kerk. ‘Wij danken U omdat Gij ons waardig keurt om voor Uw aangezicht te staan en Uw heilige dienst te verrichten’, bidt de priester, de celebrant (cf. Hooggebed II), die ten onrechte ‘voorganger’ wordt genoemd. Hij gaat niet voor, hij celebreert in stede Christi.

Elke gecelebreerde Mis geschiedt niet tot heil van enkelen maar tot heil van de gehele wereld. Daarin wordt Christus’ ene offer tegenwoordig gesteld (cf. Hooggebed III):

‘Wij vragen U, Heer, zie welwillend neer op het offer van Uw Kerk en wil erin Uw Zoon herkennen door Wiens dood Gij ons met U hebt verzoend.[…] Moge Hij ons maken tot een levende offergave voor U.’

De gehele Kerk viert mee over de dood heen in de gemeenschap van de heiligen (cf. Hooggebed I): ‘Verbonden in een zelfde gemeenschap [als de huidige op aarde] eren wij de gedachtenis van’ de heiligen; ‘omwille van hun verdiensten en voorbede help ons in alle omstandigheden door Uw kracht en Uw bescherming’.


In Santa Maria dell’Anima gaat de conventsMis om zeven uur ‘s-morgens in concelebratie gewoon door; de kerk is dan nog gesloten. De Mis om zes uur ‘s-avonds met geopende deuren doet de rector die verantwoording draagt voor deze wijze van handelen. Hij meldt in de opening dat het een privé-Mis is maar dat aanwezige gelovigen ter communie kunnen komen. De meeste andere priesters dragen in deze uitzonderingstoestand door de dag heen aan de zij-altaren de Mis op. Is er dan een gelovige die wil meevieren, dan kan die ook ter communie komen. Wij gehoorzamen maar hebben tevens deze uitweg gevonden. In Nederland mogen de mensen wel gewoon op straat. Daar past de Anima-oplossing dus niet. Wel zou het mijns inziens passen elke dag het wettelijk toegestane aantal mensen binnen te laten en voorts de
deuren te sluiten en dan met die toegestane groep Eucharistie te vieren.

Dat vergt enige organisatie. Gelovigen moeten zich aanmelden. Wie het eerst komt, die het eerst maalt. En dan niet steeds dezelfde personen, opdat ook anderen de gelegenheid krijgen te komen. Bespreking is even gewoon geworden als omgang met internet. Een plaats voor popconcert, sportwedstrijd, tentoonstelling en wat dies meer zij moet men tegenwoordig bespreken.

Waarom mogen mensen wel — iedereen op zijn beurt–  de supermarkt aandoen om voedsel te kopen en niet de kerk om zich te voeden met de hemelse gaven?

De priester zou daarenboven elke dag meer keren de Heilige Mis kunnen opdragen om meer beperkte groepen gelovigen van dienst te zijn.