header-05.jpg
 

Juliana

2 januari 2009 |  Antoine Bodar |  KRO Magazine

‘Wat waren wij op het Oude Loo toch een bevoorrechte mensen! Een voorhoede, nu zijn er zóveel mensen die zo denken, telkens ontmoet je ze.’
Aan de pen is oud-koningin Juliana in 1991, zich verheugd herinnerend hoe heerlijk die Apeldoornse bijeenkomsten van de jaren vijftig waren, toen de ‘lieve engel’ Greet Hofman telkens boodschappen van Boven mocht doorkrijgen waarmee eenieder – en vooral de ‘lieve majesteit’ – het voordeel mocht doen.
Niet altijd bleek Boven door middel van Hofman van de partij. Aldus Cees Fasseur in Juliana & Bernhard, het boek over hun huwelijk in de jaren 1936 – 1956. Boven kon ook zelfstandig optreden. Want toen voor Juliana haar schoonmoeder persona non grata was geworden maar dochter Beatrix als achttienjarige toch haar grootmama voor haar belijdenis als lidmaat van de Nederlandse Hervormde Kerk wilde doen uitnodigen, viel Armgard in haar kasteeltje te Diepenheim – ‘liever Warmelo dan Koude Loo’ – van de trap. Voorlopig zou zij aan huis gekluisterd blijven.
Waarom heb ik dat ‘verhaal van een huwelijk’ niet alleen ingekeken maar ook uitgelezen? De biograaf was eens gast in Soeterbeeck zoals ik steeds. Het boek is wervend geschreven in plezierige afstandelijkheid die betrekkelijkheid van al het menselijke handelen toont.
Het geeft een tijdsbeeld: Zo maakt Bernhard in 1950 een maanden lange reis naar verre landen tot bevordering van de vaderlandse handel en daarvan doet het bioscoopjournaal wekelijks verslag. Het zijn beelden die het bioscooppubliek uitnodigen het lied ‘Wie zal dat betalen’ aan te heffen. Om een dergelijke samenzang te staken moesten in Maastricht en Heerlen zelfs zalen worden ontruimd.
Het boek wekt sympathie voor koningin Beatrix, hoewel zij alleen ter zijde in Fasseur’s biografie figureert. Zo moet een kind wel gevangen raken in louter verstandelijkheid.
Zelden heb ik zo veel strelende vaagheid en diepzinnige nietsheid bijeen zien staan. Alle esoterische oplossingen van heden, voorbereid door New Age, zijn toen al beproefd door Juliana. Zij schrijft terecht haar tijd in dezen vooruit te zijn geweest.