Antoine Bodar

Leven is louter dienen.

header-05.jpg
 

Dilemma

9 september 2011 |  Antoine Bodar |  Nederlands Dagblad

De Kerk wil altijd de mens nabij blijven en hem troosten. Zij heeft de opdracht de barmhartigheid van Christus overal te tonen. In Zijn naam veroordeelt zij wel de zonden maar niet de zondaar, wel hetgeen verkeerd is maar niet de persoon die verkeerd handelt. Gaat een persoon tegen de regel en zo tegen de raad van de Kerk in, dan respecteert zij de gewetensvol afgewogen keuze uit eerbied voor die persoon. De weigering van een kerkelijke uitvaart bij euthanasie is daarom geen veroordeling van de persoon in kwestie. Indien de Kerk zo’n persoon dus niet veroordeelt, waarom hem dan niet kerkelijk uitgevaren? Dat is toch barmhartig?
De Kerk leert op grond van de Bijbel dat het leven geschenk is van God, de Schepper. Daarom verdient het bescherming vanaf de vrucht in de moederschoot tot de uitblazing van de laatste adem op het sterfbed. Wij zijn niet gemachtigd het leven zelf te beëindigen uit liefde tot God die het ons geschonken heeft.
Omwille van de heiligheid van het leven wil de Kerk elke ergernis vermijden. Wat is dan de aanstoot (het scandalum) bij de kerkelijke uitvaart van iemand, van wie bekend is dat hij euthanasie heeft doen plegen? De Kerk gaat tegen de eigen leer in. Zij blijkt niet consequent. Zij zou het niet zo nauw nemen met hetgeen zij zelf onderricht en zo gelovigen zelfs aanzetten tot euthanasie. Die zouden zo’n kerkelijke practijk althans zo kunnen opvatten. En moet niet de Kerk juist de zwakken en de ouden beschermen tegen euthanasie? Zij voelen zich soms al overbodig en willen anderen niet tot last zijn.
Maar wat wordt in het hedendaagse levensgevoel in dezen als paradox ervaren?
Terwijl de Kerk zo’n uitvaart verbiedt om een scandalum te voorkomen, houden omgekeerd vele mensen het juist voor een schande dat de Kerk die zou weigeren. En heeft niet elke katholiek recht op een kerkelijke uitvaart, zo hij berouw toont van zijn misstappen alvorens de ogen voorgoed te sluiten? Moet daarom kerkelijke weigering niet eerder uitzondering zijn dan regel? En werkt de Kerk niet in zekere zin in de hand dat het plegen van euthanasie eenvoudigweg voor de kerkelijke bedienaar wordt verzwegen? Zo’n constatering kan niet als raadschaffing worden begrepen. Het gaat slechts om de vaststelling van het gegeven.
Dat is echter één zijde van deze zaak.De Kerk is ertoe geroepen het ideaal hoog te houden, de moraal te onderrichten (ook wanneer haar bedienaren zelf de grootste zondaars zijn), nimmer te trouwen met de tijdgeest (om te voorkomen dat zij spoedig weduwe wordt). Hoewel spanning tussen de leer en het leven natuurlijk mag heten – mede in het licht van het juist gevormde geweten, toch is de leer van de Kerk niet alleen de regelgeving maar ook het pastoraat. Pastoraat heeft niet met toegeving of slapheid van doen maar met mildheid, nabijheid, troost, barmhartigheid, respect en ook leiding en uitnodiging de Kerk te volgen.
Sterven is de strijd op leven en dood. Hoe velen van ons zullen nuchter sterven? Velen raken psychisch beklemd en zijn doodsbang. Terminale medicatie, dat het leven niet verlengt maar overeenkomstig de natuur laat wegglijden, lost soms de paniek niet op. En daar is de Kerk stellig zachtmoedig zoals haar Stichter.
Waarom beschouwen mensen van tegenwoordig lijden vaak als het bewijs dat God niet bestaat? Waarom willen wij het gehele leven in de hand houden en het zelf sturen tot en met de dood? Het metafysisch denken is teloor gegaan. Bovennatuurlijk denken sluit de eigen natuur in maar richt de aandacht tevens naar hetgeen meer is dan het direct tastbare en het direct zichtbare. Het is de uitnodiging verder te denken dan het leven kort is. Het besef dat wij zwervers zijn op deze aarde, pelgrims onderweg, mensen van even – groeiend, bloeiend, stervend. De Kerk kan niet anders dan ons te leren dat het wezen van de mens dienen is, dat alles zijn zin heeft (ook het lijden), dat God ons bemint en in wederkerigheid ons vraagt Hem te beminnen. Dit perspectief reikt over de dood heen. We zouden dus moeten terugkeren naar geloof in God en daarmee naar geloof in Zijn bruid, lichaam, voertuig, gemeenschap die de Kerk is. Zouden we ons bekeren, we zouden minder de menselijke maat aannemen maar ons richten op de goddelijke maat, zoals de Kerk ons voorhoudt.
Job’s bede (1,21) is actueler dan welke hype ook: ‘De Heer heeft gegeven, de Heer heeft genomen, de naam van de Heer zij geprezen.’ God schenkt ons het leven, Hij ontneemt ons het leven. Altijd zij Hij in dankbaarheid om het leven geprezen. Wie het leven kan overgeven aan God en niet te zeer onder de indruk van eigen uniciteit blijft en weet heeft van de tijd van het komen en de tijd van het gaan, die komt geluk op het spoor en tevredenheid die vrede is.