Alleen door zuivering hervormt zich de Kerk.

Wat scheelt u? |
|
16 februari 2008 | Antoine Bodar
|
NRC Handelsblad
|
|
-- ‘Het zou kunnen zijn dat ik niet in God geloof.’ -- ‘Gelooft u niet in God, wat scheelt u?’ Woord en wederwoord uit Dostojevski’s Gebroeders Karamazov (1879/1880 – vertaling 1958 uit het Russisch door Jan van der Eng) die zó nog meer eigentijds zijn: -- ‘Het zou kunnen zijn dat ik in God geloof.’ -- ‘Gelooft u in God, wat scheelt u?’ Welke vragen zijn belangrijker voor een Rus dan die over het bestaan van God en de onsterfelijkheid van de mens, dan wel ‘diezelfde kwesties vanuit een andere gezichtshoek’? In gesprek zijn de broers Ivan en Aljosja Karamazov (boek V). De oudere broer Ivan is intellectueel en cynisch. Hij betoogt. De jongere broer Aljosja is gelovig en zachtmoedig. Hij luistert. Beiden zijn als figuren invoelbaar maar vertolken tevens een wereldbeeld – het ene de rede en niets als de rede, het andere de overgave aan God in Christus. |